| KWARTIERSTAAT GEERLINGS |
| 187952. | Hendrik Paedsen ROELOFSZ,
Geboren voor 1380, overleden na 1442 in Leiden, van beroep drapenier, vermeld als schepen en burgemeester van Leiden. Heiligegeestmeester............1406-1407. Schepen van Leiden...........1411-1440. Burgemeester van Leiden....1441-1442. Hendrik werd op 15 dec. 1399 poorter van Leiden, met 60 £ borg stond Pieter Buytewech (Secr. 20 f. 3). Drapenier (1407-08; GvH. 1261 f. 73). Op 14 okt. 1416 12 p.g.g. op de Huelcamp te Oudshoorn - dit land behoorde waarschijnlijk aan hem en zijn vrouw toe - ; op 13 dec. 1420 verkocht (W. 429 f. 193-194, zie Dammas Zegersz. c.s.). Op 22 apr. 1403 Gijsbrecht Paedsenz., zijn broer (Secr. 20 f. 13v.). Getrouwd met Lijsbeth, dochter van Dammas Zegersz. | 187953. | Elisabeth (Lijsbet) DAMMASDR, Geboren ca. 1380. Elisabeth, getrouwd met Hendrik Paedsenz. (zie ald. en RA. 50 f. 103v., GAL, Bibl. 86351 f. 49 en 201); Zij erfden van Dammas waarschijnlijk de Huelcamp en een kamp land daarbij (6 en 2½ morgen land; vgl. W. 429 f. 193-194). Lijsbeth kocht in 1403-04 een kerkstoel in St. Pieterskerk (Ke. 323 (6) f. 14); (Brand, 'Patronen', genealogie Paedze van Sonnevelt, pag. 1):
| 187954. | Sijbrant Denijsz RUIJGROK,
Geboren ca. 1385, overleden na 21 november 1446, vermeld als schepen van Leiden in 1434. [De naam Ruijgrok komt veel voor in Tholen; met de toevoeging Van der Werve vnl. in Haarlem e.o. Zie ook De Navorscher, 1866, blz. 253.] 27 sept. 1380, Geryt Vaec erkent voor schepenen van leiden van Pieter Dirc Willemz een erf aan de Sint Nyclaesgraft gekocht te hebben voor een rente van 16 schelling Hollands. Ts manendachs na Sint Mouriciusdach. 23 april 1381, ts dinxdages na beloken Paessche waarbij Vranc die Wever nog een rente van 12 sch en 4 penn op een huis aldaar vestigde. 10 april 1440, waarbij Dirc Boudijnsz van Zwieten beide renten overdraagt aan Zijbrant Doenenz, en 29 maart 1441, waarbij deze overdraagt aan de gasthuismeesters. Op 9 februari 1434 zegelt Sijbrant als schepen van Leiden. 10 april 1440 waarbij Dirc Boudijnsz van Zwieten voor schepenen van Leiden overdraagt aan Zijbrant Doenenz het recht in twee doorstoken brieven genoemd. 29 maart 1441 Zijbrant Doenenz draagt over aan de gasthuismeesters het recht in 3 doorstoken brieven. 6 october 1444 Zijbrant Doenenz erkent voor schepenen van Leiden aan Jan Pieter Dircxz enige renten verkocht te hebben op huizen aan de Boudijn Louwenz stege bedragend 7 groot comans, 11 groot en 6 penning, 8 groot en 2 penning, 8 groot en 3 groot, alle met houde. 21 november 1446 Zijbrant Doenenz erkent voor schepenen van Leiden verkocht te hebben aan Boudijn Dircz van Zwieten een rente van 5 pond Hollands met houde verzekerd op een huis aan de Bredestraat. | 187955. | Elisabeth Boudijns VAN ZWIETEN,
Geboren ca. 1385, overleden op 25 januari 1442 in Leiden, oud ca. 57 jaar. Getrouwd met Sijbrand Donisz. | 187956. | Claes,
Geboren ca. 1365. Hij trouwde met Alijt VAN LEIJDEN. | 187957. | Alijt VAN LEIJDEN, Geboren ca. 1365, vermeld in een testament als de zuster van Machteld van Leijden, echtgenote van Willem Foijtken. Beiden zijn dus dochters van Pieter Jansz van Leijden. [bron: Peter van Son, Paedze2 file, soc_nederlandse_adel] Vermeld in een testament als de zuster van Machteld van Leijden, echtgenote van Willem Foijtken. Beiden zijn dus dochters van Pieter Jansz van Leijden. Voornaam: Jan Familienaam: Leyden, van Familiegegevens: ouders: Claes en Alijd; broers: Pieter en Heynric van Leyden; tante van moederskant: Machteld Functie: kanunnik van de St. Salvator in Utrecht en van de Pancraskerk, promtorus artibus et medicus. Geldelijke bestemming: kapelrie en mis. Frequentie: driemaal per week en 12 maal per jaar. Beschrijving van religieuze uitgaven: Jan van Leyden sticht bij testament, onder herroeping van vroegere beschikkingen, een kapelrie ter ere van Johannes de Doper en Maria Magdalena op het pas gestichte altaar in het noorden van de Pancraskerk, waar zijn grafmonument en sarcofaag, waarin hij begraven wil worden, zich bevindt. De priester die deze kapelrie bedient moet drie missen per week lezen, op zon-, woens- en vrijdag op dit altaar, met grafgang. De mis wordt opgedragen aan Jan van Leyden, zijn ouders, broers, tante Machteld en zijn verder familie en weldoeners; na de mis moet de priester 1 'Miserere mei Deus' en 1 'De Profundis' lezen, met een dubbele collect, 1 voor de stichter, 1 voor de overledenen. In de mis en de andere gebeden moet hij de memoriedienst van de stichter doen; bij verzuim moet het kapittel de mis op kosten van de vicaris lezen, en verbeurt hij een mengel wijn aan elke kanunnik en en een dubbele portie aan de deken. Verder moet hij een mis per maand in de Pieterskerk opdragen, waarna hij het graf van de ouders van Jan van Leyden, van Pieter van Leyden, zijn tante Machteld en Willem Foytken bezoekt en daar een 'Miserere mei Deus' en een 'De Profundis' leest met collect. Hiervoor heeft Jan van Leyden gegeven: Land: 19 morgen in Voerenbroek in Leiderdorp; 2 hond, 'wel gebongherd' over de singel in Leiden; 6 morgen, de Vijfgeers geheten, bij Leiden, bij het huis van Floris van Alkmade. Huis: Het huis dat Jan van Leyden gekocht heeft van de erfgenamen van Mr. Heynric Hughenzn op de Vollersgracht waar nu Claes van Leyden, de zoon van zijn broer, in woont. Rente: 20 sch. jaarlijks aan heergeld op een huis in Marendorp; 20 sch. jaarlijks m.d.h. op zijn huis in Leiden. De eerste vicaris wordt Claes van Leyden, de zoon van zijn broer Heynric. Elke vicaris moet een rente van een 1/2 fl. jaarlijks, vermaken aan de kapelrie voor zijn memoriedienst. Hij houdt het begevingsrecht zolang hij leeft, daarna is het aan de familie, de vicaris moet altijd een familielid zijn. Bijzonderheid: Dit stuk is ook opgenomen in het Fundatieboek, Ke 420, fol. 41v. | 187958. | Pieter Dircxz BUIJTENWECH,
Geboren ca. 1370, overleden tussen 1433 en 1438, van beroep korenkoper, drapenier, vermeld als schepen en burgemeester van Leiden. [Filiatie met Barbara Pietersdr. Buijtewech niet bewezen.] Schepen van Leiden in 1401-02; Burgemeester van Leiden in 1402-03, 09-10, en 15-16; Stedelijk schut op 8 mei 1407 (Secr. 84 f. 241v.). Korenkoper (1398-99, Ga. 334 (4) f. 9v., 11v.); Drapenier (1412-18, GvH. 1266 f. 35v.-36, 1268 f. 32 en v., GvH. 1271 f. 100). In het Gasthuisvierendeel ca. 1390 (Blok, Holl. stad, I 323); in St. Pietersparochie 1406-07 (Ke. 323 (7) f. 18v.). Hij of Pieter Buytewech Gerritsz. hield van de burggraaf een huis en hofstad te Leiden in leen, die hij op 27 april 1431 ten vrij eigen ontving (Hoek, 'Wassenaar', 531). Op dit (?) huis en erf had de H. Geest in 1421 6 s.g.g. rente (W. 429 f. 5 en tafel).
(zie ook Pieter Buytewech Gerritsz.)
Op 7 feb. 1395 i.v.m. een woordenwisseling met het gerecht veroordeeld tot kwijtschelding van 20 schilden geleend geld en levering van 80.000 stenen, op verbeuring van zijn poortrecht (RA. 4 f. 5). Noemde Dirk Woutersz. van Alkemade neef (zie stichting). Hij of Pieter Buytewech Gerritsz. trad op 26 mrt. 1415 op namens de magen van Floris van Rijsoirde (zie Gerrit Alewijnsz.). Getrouwd (1) met Gobburg Paedsendr. (W. 429 f. 144, Ga. 440 f. 22; zie Paedse). Gobburg overleden in 1403-04, begraven in de St. Pieterskerk; zij liet het St. Catharinagasthuis 10 s. na (Ke. 323 (6) f. 15v., Ga. 334 (12) f. 10v.). Getrouwd (2) met Lijsbet, dochter van Willem Dovez. van Rietwijc;
Overleden tussen 14 okt. 1433 en 10 dec. 1438 (Hoek, 'Wassenaar', 104 en dez., 'Rept. Hontshol', 249). Voornaam: Pieter. Familienaam: Butewech. Familiegegevens: Getrouwd (1) met Gobburch Paedsendr; getrouwd (2) met Lijsbeth, dochter van Willem Duve van Rietwijk. Soort religieuze besteding: Schenking en pitancie. Beschrijving religieuze besteding: '... lide dat hij ghegeven heft in rechter aelmissen om Goids willen in ghedencenisse sijnre sielen ende sijnre ouders sielen ende Gobburch Paedsen dochter, sijns wijfs ende Lijsbeth, sijns wijfs, Willem Duvezn dochter van Rietwijk ...' aan de H. Geest ten behoeve van de armen: Het huis in de O.L.V.-steeg, tussen de Breestraat en de Vollersgracht, welk huis grenst aan zijn eigen erf; Pieter behoudt daarom de poort en de uitgang van de steeg tot zijn erf; voorwaarde is dat de H. Geestmeesters alle vensters, gaten en deuren afsluiten, die op Pieters erf uitkomen; ze mogen dit huis ook niet verkopen dan met toestemming van Pieter of zijn wettige erfgenamen en leenopvolgers; Verder moeten de H. geestmeesters de arme mensen op Pieters graf, waar zijn ouders en Gobburch al begraven liggen, de arme mensen 1 gouden Wilh. schild (pas geslagen) uitdelen ingaande volgend jaar op hun jaargetijde, na zijn dood aldaar op zijn jaargetijde, ter gedenking van zijn ziel, zijn ouders ziel en Gobburg en lijsbeths zielen; doen de H. Geestmrs dit niet, dan valt de rente terug aan Pieter of zijn erfgenamen; Pieter zal het geschonken huis onbelast laten, afgezien van de 4 sch. die de H. Geest en de 15 sch. die de Pieterskerk er op hebben. Zoeterwoude, nr. 119: Vijftien morgen land te Stompic, belend ten oosten: Pieter Buijtenwech Dircxz, met 5 morgen land die hij te leen houdt van de burggraaff van Leijden, ten westen Bartraet , vrouw van Pieter van Leijden met haar kinderen, ten noorden de Voirschotervliet en ten zuiden het Soetermeer. 30-05-1394: Pieter Buijtenwech Dircxz. 10-12-1438: Dirck de Bruijne Pietersz. tussen 1438 en 1468: Jonkvrouwe Clemeijns, weduwe van Jacob Herman. Hij trouwde (2) met Lijsbeth Willems Duve VAN RIETWIJK. | 187959. | Lijsbeth Willems Duve VAN RIETWIJK, Geboren ca. 1370. Voornaam: Pieter. Familienaam: Butewech. Familiegegevens: 1e vrouw: Gobburch Paedsendr; 2e vrouw: Lijsbeth, dochter van Willem Duve van Rietwijk. Soort religieuze besteding: schenking en pitancie. Beschrijving religieuze besteding: '... lide dat hij ghegeven heft in rechter aelmissen om Goids willen in ghedencenisse sijnre sielen ende sijnre ouders sielen ende Gobburch Paedsen dochter, sijns wijfs ende Lijsbeth, sijns wijfs, Willem Duvezn dochter van Rietwijk ...' aan de H. Geest ten behoeve van de armen: Huis: het huis in de O.L.V.-steeg, tussen de Breestraat en de Vollersgracht, welk huis grenst aan zijn eigen erf; Pieter behoudt daarom de poort en de uitgang van de steeg tot zijn erf; voorwaarde is dat de H.Geestmrs. alle vensters, gaten en deuren afsluiten, die op Pieters erf uitkomen; ze mogen dit huis ook niet verkopen dan met toestemming van Pieter of zijn wettige erfgenamen en leenopvolgers; Armen: verder moeten de H. geestmrs. de arme mensen op Pieters graf, waar zijn ouders en Gobburch al begraven liggen, de arme mensen 1 gouden Wilh. schild (pas geslagen) uitdelen ingaande volgend jaar op hun jaargetijde, na zijn dood aldaar op zijn jaargetijde, ter gedenking van zijn ziel, zijn ouders ziel en Gobburg en Lijsbeths zielen; doen de H. Geestmrs dit niet, dan valt de rente terug aan Pieter of zijn erfgenamen; Pieter zal het geschonken huis onbelast laten, afgezien van de 4 sch. die de H. Geest en de 15 sch. die de Pieterskerk er op hebben. |