KWARTIERSTAAT  GEERLINGS

 
GENERATIE  17


93976. Jan Hendrik Paedsensz VAN SONNEVELT,
Geboren ca. 1410, overleden na 1475 in Leiden, vermeld als schepen, raad en burgemeester van Leiden.
 
OPENBARE FUNCTIES:
1445-1449: Schepen van Leiden.
1450-1453: Burgemeester van Leiden
1464-1473: Burgemeester van Leiden.
1449-1472: Raad van Leiden.

[bron: A. Sonneveld en J.S. Bontekoe, Het voor- en nageslacht van de Leidenaar Jan jansz. van Sonnevelt, G.N. 1994 blz. 53 e.v.]

REPERTORIUM op de Grafelijke Lenen in Kennemerland, Heemstede:
111B: Twee derde van de tiende van Heemstederveld en twee derde van de Kleine geesttiende in Heemstede met vlas- en henneptiende en "rapinge":
2 mei 1470.......: Dirk Poes, griffier en secretaris van de Raadkamer van Holland, bij overdracht door Jan van Heemskerk Gerardsz.
(LRK 118c Kenn. fol. 4v-5).
7 juni 1473.......: De graaf van Winchester, heer van Gruuthuse, bij overdracht door Jan Paats Hendriksz, burgemeester van Leiden, voor Lodewijk Poes Dirksz, (LRK 118c, Nd.Holland, fo 33v).

Getrouwd op 27 maart 1442 in Leiden met Geertruijt Sijbrants RUIJGROK VAN DER WERVE.

93977. Geertruijt Sijbrants RUIJGROK VAN DER WERVE,
Geboren ca. 1415.
 
ZES KINDEREN VAN JAN HENDRIK PAEDSENSZ VAN SONNEVELT EN GEERTRUIJT SIJBRANTS RUIJGROK VAN DER WERVE:
  1. Claes Jansz Paedze, zie nr. 46988,
    Geboren ca. 1435, overleden voor 1489, vermeld als schepen en burgemeester (1483 en 1489) van Leiden, importeerde in 1459 zo'n 2.000 vachten, samen met Claes Mast, drapenier in Leiden.

93978. Hendrik Claesz VAN LEIJDEN,
Geboren ca. 1400, in 1460 vermeld in het testament van zijn broer, de kanunnik van de St. Salvator in Utrecht en van de St.Pancraskerk in Leiden, Jan van Leijden.
 
KLOOSTERARCHIEVEN (NR 416), 26 jan. 1424:
Henrick Claesz van Leijden erkent voor schepenen van Leiden aan Pouwel Reijersz verkocht te hebben een rente van 4 Engelse nobel, verzekerd op 2 en 1/2 morgen land aan de Banwetering in Oegstgeest.

KLOOSTERARCHIEVEN (NR 428), 7 jan. 1425:
Henrick Claesz van Leijden verkoopt de 2 en 1/2 morgen land aan de Banwetering in Oegstgeest aan Pouwels Reijerszn.

[bron: Prosopografische gegevens bij dr. F.J.W. van Kan, Sleutels tot de Macht. De ontwikkeling van het Leidse stadspatriciaat tot 1420, zie ook website http://www.janvanhout.nl/pat/pat_frame.htm.]

LEIDSE TESTAMENTEN, 1425-1499, dd 31 mei 1460 (Ke 322, fol. 67v):
Voornaam: Jan
Familienaam: Leyden, van
Familiegegevens:
ouders: Claes en Alijd;
broers: Pieter en Heynric van Leyden;
tante van moederskant: Machteld
Functie: kanunnik van de St. Salvator in Utrecht en van de Pancraskerk in Leiden, promtorus artibus et medicus.
Geldelijke bestemming: kapelrie en mis.
Frequentie: driemaal per week en 12 maal per jaar.
Beschrijving van religieuze uitgaven: Jan van Leyden sticht bij testament, onder herroeping van vroegere beschikkingen, een kapelrie ter ere van Johannes de Doper en Maria Magdalena op het pas gestichte altaar in het noorden van de Pancraskerk, waar zijn grafmonument en sarcofaag, waarin hij begraven wil worden, zich bevindt.
De priester die deze kapelrie bedient moet drie missen per week lezen, op zon-, woens- en vrijdag op dit altaar, met grafgang.
De mis wordt opgedragen aan Jan van Leyden, zijn ouders, broers, tante Machteld en zijn verder familie en weldoeners; na de mis moet de priester 1 'Miserere mei Deus' en 1 'De Profundis' lezen, met een dubbele collect, 1 voor de stichter, 1 voor de overledenen.
In de mis en de andere gebeden moet hij de memoriedienst van de stichter doen; bij verzuim moet het kapittel de mis op kosten van de vicaris lezen, en verbeurt hij een mengel wijn aan elke kanunnik en en een dubbele portie aan de deken.
Verder moet hij een mis per maand in de Pieterskerk opdragen, waarna hij het graf van de ouders van Jan van Leyden, van Pieter van Leyden, zijn tante Machteld en Willem Foytken bezoekt en daar een 'Miserere mei Deus' en een 'De Profundis' leest met collect.
Hiervoor heeft Jan van Leyden gegeven:
Land:
19 morgen in Voerenbroek in Leiderdorp;
2 hond, 'wel gebongherd' over de singel in Leiden;
6 morgen, de Vijfgeers geheten, bij Leiden, bij het huis van Floris van Alkmade.
Huis:
Het huis dat Jan van Leyden gekocht heeft van de erfgenamen van Mr. Heynric Hughenzn op de Vollersgracht waar nu Claes van Leyden, de zoon van zijn broer, in woont.
Rente:
20 sch. jaarlijks aan heergeld op een huis in Marendorp;
20 sch. jaarlijks m.d.h. op zijn huis in Leiden.
De eerste vicaris wordt Claes van Leyden, de zoon van zijn broer Heynric.
Elke vicaris moet een rente van een 1/2 fl. jaarlijks, vermaken aan de kapelrie voor zijn memoriedienst. Hij houdt het begevingsrecht zolang hij leeft, daarna is het aan de familie, de vicaris moet altijd een familielid zijn.
Bijzonderheid:
Dit stuk is ook opgenomen in het Fundatieboek, Ke 420, fol. 41v.

[bron: drs. P.L. Lekkerkerk, Leidse testamenten, 1425-1499]

Hij trouwde met Barbara Pieters VAN BUIJTEWECH.

93979. Barbara Pieters VAN BUIJTEWECH,
Geboren ca. 1400. [Filiatie met Pieter Buijtewech Dirksz of Pieter Buijtewech Gerritsz als vader niet bewezen]
 
93980. Jan MARTIJNSZ,
Geboren ca. 1400, overleden na 1465, mogelijk in Leiden.
 
VESTMEESTERREKENINGEN, Leiden, 1465 (SA I, inv.nr.532):
Uutgeven van den voirscr. backstien te voeren an die toernen ende an der plaetsen dair men behoift heeft: item aan Jan Martijnsz gegeven van 11.000 stiens te voeren als voirscr is, facit 14 sc. 4 d.

93982. Pieter JORIJSZ,
Overleden na 31 augustus 1443.
 
LEIDSE TESTAMENTEN, 1425-1499 dd 31 aug. 1443, Ke 416, fol. 104v:
Voornaam: Pieter.
Familienaam: Jorijszn.
Familiegegevens: vrouw: Margriet
Soort religieuze besteding: memoriedienst.
Frequentie: jaarlijks.
Beschrijving religieuze besteding: voor zijn memoriedienst en die van zijn vrouw met 1 fl. en plechtige kaarsen, zoals gebruikelijk is, gaf hij:
Geld: 5 gouden Eng. nobel.
Graf: in de kerk in de boog van het koor.

[bron: drs. P.L. Lekkerkerk, Leidse testamenten, 1425-1499]

Hij trouwde met Margriet.

93983. Margriet,
Overleden na 31 augustus 1443.

[Laatst gewijzigd op 7 september 2004]

HOME
GENERATIE  16
GENERATIE  18
KWARTIERSTAAT  GEERLINGS